Het is zestien na één ’s middags wanneer ik deze post typ en ik spendeerde daarnet een halfuur van mijn luttele, onbenullige dag om te staren naar éénder wat me smeekte om aandacht te krijgen.

Ik kwam tot de conclusie dat de wolken buiten me vertelden dat het zou gaan regenen, mijn vloer me vroeg of ik toch echt niet eens wilde kuisen en mijn nieuw plantje bedelde om wat water. Al was het maar een miniscuul klein beetje. Niets van dit alles was in principe benoemenswaardig, tot ik een blik op mijn grijze deur wierp.

Mijn grijze deur is een toonbeeld van de voorbije jaren betrekkende vriendschappen en relatief diepgaande relaties. Duizenden uren geleden kwam dit meisje op het idee om iedereen die haar heiligdom zou betreden, een dikke zwarte stift in de hand te duwen en zou gebieden dat deze persoon een klein kenteken van zichzelf op de deur zou achterlaten. Ik veronderstel dat mijn puberachtige zelf dacht dat ze op deze manier zou weten en beseffen dat ze vriendjes zou hebben. Voor elk vriendje was er een ander handschrift, een ander opschrift dat iets meer vertelde over de verschillende persoonlijkheden met wie ze omging.

Anno 2009 ken ik nog amper iemand van deze deur. De gedachte dwelmde daarnet zelfs in mij op dat ik bij verschillende mensen bewust niet vroeg of ze de alom bekende deur wilden bekladden, want in periodes van bijgeloof had ik zelfs het idee dat tekenen zou vertellen dat deze mensen binnenkort uit het leven van mijzelf zouden verdwijnen (full of shit, right, I know).

Of mensen nu sporen op mijn deur achterlieten, of zelfs bewust niet, heeft het verschil niet gemaakt: de deur staat nog even vol en de mensen zijn evenwel verdwenen naar andere individuen, verzonken in andere, veranderende levens. Het is best wel eng om te beseffen dat de mensen die ik heden ken, ik binnen een jaar niet meer zal spreken. Natuurlijk glimlach ik flauw het idee weg dat ik daar hard om geef: deze dingen zijn jammer. Ik heb sowieso een goede band met sommigen, en een zeer oppervlakkige band met anderen.

Het zijn degene die kortbij staan, die mij intensief en langdurig hebben gemaakt tot wat ik nu ben - degenen waar ik niet zonder kan- waar ik een heftige angst voor ondervind. En zoals altijd en steeds, is dat mijn ‘angst der angsten’. Jammer genoeg.

Leave a Reply